Veerle De Block volgde bij de collega’s van Doof Vlaanderen een onlineoverleg over Perspectiefplan 2040.

Hierbij enkele sprokkels uit de vergadering…

In de huidige zorgsector stuiten doven en slechthorenden (SH) nog op aanzienlijke barrières. Veel professionals kunnen momenteel geen kwalitatief aanbod garanderen; er zijn vaak meer vragen dan beschikbare antwoorden of hulpverleningsmogelijkheden. De hoofdoorzaak hiervan is dat de budgetten voor deze doelgroep ontoereikend zijn.

Belangrijke actiepunten voor het beleid:

  • Subsidies en Jeugdhulp: Er is nood aan gerichte subsidies voor jongeren zonder sociaal netwerk, die nu vaak tussen de wal en het schip vallen. Dit gebrek aan middelen belemmert duurzame oplossingen.
  • Toegankelijkheid en Vindbaarheid: Instanties zoals het CAW en De Kade geven aan dat cliënten veel zaken zelf moeten regelen, maar doven en SH vinden vaak de weg naar deze diensten niet. Het ontbreken van aanmeldingen leidt onterecht tot de conclusie dat de doelgroep er niet is.
  • Inzet van Ervaringsdeskundigheid: De focus ligt momenteel sterk op gebarentaligen, terwijl de zorg ook vraagt om personeel dat zelf doof of SH is. De huidige diploma-eisen vormen echter een drempel. Door ervaringsdeskundigen in te zetten (eventueel met extra opleiding), krijgen jonge doven en SH een rolmodel, wat cruciaal is voor hun identiteitsontwikkeling en het voorkomen van een identiteitscrisis.
  • Toegankelijkheid in de Psychiatrie: De psychiatrische zorg moet toegankelijker worden. Veel klinisch artsen beheersen geen gebarentaal, maar weten ook niet hoe ze moeten communiceren met slechthorenden die gesproken taal gebruiken.
  • Versnippering en Innovatie: Het zorglandschap is te versnipperd.
  • Tolken en Psychologische steun: Veel psychologen hebben onvoldoende kennis over de leefwereld van doven en SH.

Conclusie: Deze punten worden meegenomen in de beleidsaanbevelingen voor de overheid om te bouwen aan een inclusieve toekomst in 2040.