De inzet van AI voor meer toegankelijkheid

Tijdens een recent toegankelijkheidsevent eind mei, ‘Senses on Tour’, bleef één uitspraak van een professor  Roel Van Gils nazinderen uit de lezing van “AI heeft oren en ogen”:

“Ik denk dat het onvermijdelijk is dat we schrijftolken en VGT-tolken blijven hebben. Ik wil niet beweren dat hun job overbodig wordt, maar het zou wel eens een luxedienst kunnen worden. AI zal een soort commodity teweegbrengen voor meer toegankelijkheid.”

Die uitspraak zette ons aan het denken. Er wordt vandaag veel gesproken en geschreven over artificiële intelligentie (AI). Sommigen bekijken de technologie met argwaan, anderen omarmen haar volledig, terwijl nog anderen er liever niets mee te maken hebben. Hoe men er ook tegenover staat, AI is niet meer weg te denken uit onze samenleving.

Voor personen met een beperking kan AI bovendien kansen bieden die enkele jaren geleden nog ondenkbaar waren. In dit artikel focussen we op toegankelijkheid voor slechthorenden en doven die geschreven taal verkiezen boven gebarentaal.


Zal de schrijftolk verdwijnen?
Dat is wellicht de meest voor de hand liggende vraag. Een sluitend antwoord bestaat niet. Niemand kan in de toekomst kijken. Wel kunnen we kijken naar wat vandaag al mogelijk is en welke evoluties zich aftekenen.

Na de lezing gingen we hierover in gesprek met verschillende deelnemers van het netwerkevent van Sense on Tour, waaronder de professor zelf en andere professionals die dagelijks bezig zijn met toegankelijkheid. Ook bij hen leefden vragen over de rol die AI in de toekomst zou kunnen spelen. Niemand leek ervan overtuigd dat AI menselijke ondersteuning volledig zal vervangen, maar evenmin werd de technologie uitgesloten.


Wat AI vandaag al kan
AI-gestuurde ondertitelingsapps zoals Ava, Google Live Transcribe en andere toepassingen ontwikkelen zich razendsnel. Wat vandaag goed werkt, kan morgen alweer verbeterd zijn. Daarom is het belangrijk om deze technologie niet als een eindpunt te zien, maar als een voortdurend evoluerend hulpmiddel.

Vandaag blinkt AI vooral uit in:
- realtime ondertiteling tijdens informele gesprekken;
- vergaderingen met één spreker en een goede geluidskwaliteit;
- online meetings;
- ondersteuning voor mensen die af en toe informatie missen.
- Voor veel slechthorenden kan dit al een belangrijke meerwaarde betekenen.


Waar AI nog tekortschiet
Tegelijkertijd kent de technologie nog duidelijke beperkingen. AI heeft vandaag vaak moeite met:
- sprekers die door elkaar praten;
- dialecten;
- fluisterende stemmen;
- humor, sarcasme en emoties;
- slechte akoestiek;
- vakjargon;
- situaties waarin absolute nauwkeurigheid vereist is;
- mensen met een spraakstoornis of afwijkend spraakpatroon.

Juist in die situaties blijft menselijke ondersteuning voorlopig van grote waarde.


De meerwaarde van de schrijftolk
Een schrijftolk doet meer dan woorden omzetten naar tekst. Hij of zij begrijpt context, nuance en betekenis.

Een schrijftolk kan bijvoorbeeld een grapje verduidelijken, een afkorting gebruiken om de leessnelheid te verhogen of zich aanpassen aan de voorkeur van de gebruiker. Sommige slechthorenden verkiezen een beknopte weergave van de boodschap, terwijl anderen zoveel mogelijk informatie willen ontvangen.

Die flexibiliteit en menselijke inschatting zijn moeilijk te automatiseren. Hoewel AI hierin stappen zet, blijft dit een belangrijk verschil met menselijke tolken.


Een mogelijke verschuiving van rollen
Ook voor gebarentaal ontstaan nieuwe ontwikkelingen. Vandaag bestaan er al AI-avatars die gebaren kunnen weergeven. De technologie staat nog in haar kinderschoenen, maar toont wel aan dat er beweging is binnen dit domein.

Dat betekent niet noodzakelijk dat schrijftolken of VGT-tolken zullen verdwijnen. Wel is het mogelijk dat hun rol evolueert.

Basistoegankelijkheid zou dankzij AI goedkoper en breder beschikbaar kunnen worden. Waar vandaag een schrijftolk moet worden aangevraagd, zou morgen een smartphone of slimme bril al voor een eerste vorm van ondersteuning kunnen zorgen. Daardoor zouden menselijke tolken zich meer kunnen richten op situaties waarin kwaliteit en nauwkeurigheid cruciaal zijn, zoals:
- onderwijs;
- medische consultaties;
- rechtbanken;
- complexe vergaderingen;
- conferenties en studiedagen.

In dergelijke contexten blijft de menselijke expertise voorlopig moeilijk te vervangen.


Toegankelijkheid buiten de vergaderzaal
Misschien ligt de grootste meerwaarde van AI wel buiten de formele context.

Vandaag bestaat er vaak een groot verschil tussen een vergadering met schrijftolk, die goed toegankelijk is, en een koffiepauze, netwerkmoment of spontane babbel, waar die ondersteuning meestal ontbreekt.

Net daar zou AI een belangrijke rol kunnen spelen. Denk aan een smartphone-app die gesprekken onmiddellijk ondertitelt of een slimme bril die realtime tekst projecteert. Zulke toepassingen zouden slechthorenden en doven meer kansen kunnen bieden om spontaan deel te nemen aan sociale interacties.


Conclusie
Er is nog veel in ontwikkeling en er moeten nog heel wat toepassingen worden getest. Bovendien bestaat er geen universele oplossing: iedere slechthorende of dove persoon heeft andere noden en voorkeuren.

Toch lijkt één conclusie vandaag al verdedigbaar. AI hoeft niet noodzakelijk een bedreiging te vormen voor schrijftolken en VGT-tolken. Het kan ook een aanvullend hulpmiddel worden dat toegankelijkheid op meer momenten beschikbaar maakt.

Mogelijk ligt de toekomst niet in een keuze tussen mens of technologie, maar in een combinatie van beide. AI kan ondersteuning bieden in alledaagse situaties, terwijl menselijke tolken hun expertise blijven inzetten waar communicatie absoluut correct, volledig en genuanceerd moet zijn.

Misschien is dat wel de meest interessante vraag: niet of AI de schrijftolk zal vervangen, maar hoe AI en menselijke expertise elkaar kunnen versterken om toegankelijkheid voor iedereen te vergroten.

Veerle De Block, team AHOSA vzw