Mijn traject naar twee cochleaire implantaten

Zoals bij de meesten die langzaam doof worden, begon mijn hulpmiddeltraject met ‘gewone’ hoorapparaten. Sedert het moment dat mijn omgeving en ikzelf beseften dat mijn gehoor niet zo goed meer was, duurde het toch een tweetal jaar eer ik er psychisch klaar voor was om toch te beginnen met hoorapparaten. Maar eens aangeschaft heb ik de apparaten consequent elke dag ingestoken, ook op momenten dat ik alleen thuis was.

Na een vijftal jaar was mijn gehoor in die mate verminderd dat de hoortoestellen niet genoeg sterkte meer gaven en werd besloten tot de aanschaf van een nieuwer model. Dit enkel voor mijn linkeroor omdat er voor het rechteroor niet veel meer te behelpen viel dan een cochleair implantaat. Maar, ondanks het feit dat communicatie steeds moeilijker werd zowel thuis, op het werk als in het sociaal leven, had ik net nog niet genoeg DB-verlies om terugbetaling voor een implantaat te krijgen.

Op het moment dat mijn man en ik beslisten om dan zelf de grote kost van een implantaat te dragen kregen we via de Oorgroep in Antwerpen een bericht dat ik in aanmerking kwam voor een implantaat van het merk ‘Oticon’, zelf te bekostigen maar aan de helft van de prijs.

We gingen in op dit voorstel en in 2016 werd ik de eerste keer geïmplanteerd. Het is zeker wennen aan het geluid dat je dan ervaart maar vanaf het begin had ik wel goede resultaten bij de testen. Rechts de processor van het implantaat, links het ‘gewone’ hoorapparaat, het gaf weer een comfortabeler luisterervaring. Maar ook het gehoor links ging vlugger achteruit dan verwacht. In 2018, twee jaar na het eerste kwam ik in aanmerking voor terugbetaling van een tweede implantaat.

Het werd een ander merk: ‘Cochlear’. 
Van in het begin verliep de revalidatie weer zeer vlot. Ook al is het wennen aan het geluid dat anders binnen-komt en is er een verschil tussen de twee processors toch heb ik het gevoel dat ze een zeer goed evenwicht brengen in het horen van geluiden en het spraak-verstaan. Mits bijkomende hulpmiddelen zoals een Rogerpen en tafelmicrofoons kon ik op het werk studiedagen volgen en op een comfortabele manier de overdracht tussen de shifts en de teamvergaderingen meemaken.

Daar ik als nachtverpleegkundige werkte, was het communiceren met de patiënten in een donkere kamer niet zo gemakkelijk, met de twee implantaten verliep dat veel vlotter. Het blijft nog steeds moeilijk om in een luidruchtige omgeving te communiceren of wanneer we met velen samen zijn om de gesprekken goed te volgen.

Ik ben me ervan bewust dat mijn gehoor nooit meer volledig top zal zijn. Ik moet regelmatig uitleggen dat ik een gehoorprobleem heb maar ik kan me nog alleen zelfstandig bewegen in de wereld. Ik ben zo blij dat ik in kleine groep vlot kan communiceren, dat ik met de kleinkinderen kan bezig zijn, dat ik hen met de gepaste hulpmiddelen zoals een trilwekker, waarop de babyfoon aangesloten is, ook kan opvangen.

Via ‘Spotify’ kan ik muziek, die goed klinkt, opslaan en beluisteren want sommige muziekstukken blijven vals klinken. Ook al kunnen onze hersenen zich aanpassen, ik ben ervan overtuigd dat de symmetrie van het horen langs beide oren bijdraagt tot een comfortabeler functio-neren. Want hadden we niet beslist om zelf een implan-taat te bekostigen dan was ik nu doof aan 1 oor en had ik slechts aan 1 kant een implantaat. Het is misschien niet juist om de vergelijking te maken maar je kunt toch ook niet goed zien met maar 1 aangepast brilglas?